Home

Advertisement

Customize

A · Holy · heart


and a secret desire

Recent Entries · Archive · Friends · User Info

* * *
Drie maanden geen colleges te volgen, geen teksten te lezen, niets, niets niets. Het is nu 6 juli en ik verveel me al dood. Als ik me weer herinnerde hoe ik foto's kon plaatsen, dan kon ik wat alledaagse foto's neerplanten om me enigszins bezig te houden voor een minuut of drie, vier.

Spoiled brat dat ik ben.

Current Mood:
bored bored
* * *
Na een zenuwslopende vermoeiende anderhalve maand studeren en examens afleggen kan ik vol verwondering en onverwachte vreugde zeggen: I kicked ass. Geen herexamens, ik ben nu eindelijk een 'tweede bach-er' (tweedejaars). Ondanks de onvoldoende voor hedendaagse wijsbegeerte ('ik ben een theoloog, geen filosoof' proclameren tussen twee zinnen door was geen bijster slimme zet, maar geef toe, als je een tiental minuten lang geen antwoord weet te verzinnen op zijn bijvragen krijg je ook behoorlijk het schijt.) heb ik volgens de programmadirecteur een zalige Onderscheiding gehaald. Toch wel iets om fier op te zijn.

Langs de andere kant heeft bijna al de rest van de geslaagden in eerste zit (zonder herexamens) gigantisch veel meer punten (hoe ràken die daar toch aan?!) en ben ik nu aan het overpeinzen wat ik in vredesnaam ga doen gedurende deze drie maanden vakantie. Ik heb zelfs geen echt vakantiewerk, buiten wat werk als studiebegeleidster. Als een antwoord gezonden door de goddelijke voorzienigheid kreeg ik een mailtje van NaNoWriMo en kwam de gedachte op dat ik misschien wel eens eindelijk opnieuw zou kunnen proberen een verhaal te schrijven dat langer is dan twaalf pagina's en zo entertainend is dat ik er een prijs voor win en voor de rest van mijn leven met m'n poten omhoog zit.

IJdele hoop :<

Current Mood:
calm calm
* * *
Een van mijn katten heeft vandaag een klein schattig vogeltje gepakt, ermee gespeeld en vlak voor mijn neus (er zat een raam tussen) opgegeten. Er rest nog maar één poot.

Ik vind katten opeens een stuk minder lief.

Current Mood:
sick sick
* * *
Het is warm. Warm. Warm.

Niemand heeft zin om naar de lessen te gaan, maar gaat toch. We rekken de pauze's door massaal naar buiten te gaan en onszelf te dopen met stralen zonlicht. De meerderheid zit in het gras en praat en lacht. Ik praat met to-be priesters over keuzes die gemaakt worden in verband met de liefde en het celibaat. Het is mooi zo, daar in Leuven. Scheen de zon maar het hele jaar door zo fijn.

* * *
Als de zon schijnt, schijnt de wereld zonnestraaltjes terug. Niet voor iedereen, maar desondanks hoop ik dat de zon het verdriet een beetje kan sussen en hoopvolle gedachten kan geven.

Twee uur Hedendaagse Wijsbegeerte aanhoren staat gelijk aan een langzaamaan gek worden. Toen de prof begon over het "gevoel dat deze zondag niet als een zondag aanvoelt", draaide ik door en fluisterde ik frantically in het oor van Sarah: "Pas op! Achter u!" Ze keek even over haar schouder en ik verhoogde mijn fluistertoon: "HET IS DE WERKELIJKHEID!"

Het is de werkelijkheid die achter onze schouders komt kruipen, zijn hand op onze borst legt en onze harteklop beluistert en hoort overslaan. Het is de werkelijkheid die zich presenteert in een bad van blauwe lucht en zonneschijn en glurende blikken van jongens die de les even interessant vonden als ik toen ik verder las in de Flair.

Het is zomer, de hormonen gieren door iedereens lijf en zelfs goede vrienden refereren naar seks en het feit dat ze wel eens willen snoepen van mijn walletjes. Helaas is er al iemand die aan mijn walletjes snoept en me overlaadt met aardbeikusjes.

Overal seks. En piemels en borsten in de Flair. En mijn paper die nog altijd onderwerploos is.

Current Mood:
chipper chipper
* * *
After a very long 'free' week, going from wednesday afternoon 'till this monday noon, I feel refreshed. I've been in Maastricht this weekend, the sun was very shiny and I got myself a brand new pair of shoes! If I would ever possess a photomaking thingie (my English vocabulary is apparently restricting itself to theological subjects and subject that have someting to do with deaf culture, and Harry Potter - I must put away all those books), I'd make a lot of pictures of them. They're cute, soft brown, with a button. So kawai-i!
I have visited the Kentucky Fried Chicken for the first time in my life and my boyfriend managed to eat a whole bucket, while I just ate like ten of those chicken wings. Nevertheless I must admit it's better than MacDonalds.
The Albert Heijn was rudely robbed of all its "Dubbel Frisss" drink boxes, I believe I have caught a lot of weird glances from bystanders. They've probably never seen a girl on heels almost crawling to get the last boxes out of those deep shelves, but that delicious drink is not available in Belgium :(

Thoughts have crossed my mind to come to study in the Netherlands for half a year, perhaps longer, but I need to secure some friendships, with deaf friends from the net (who are actually just a little hearing impaired), friends from old times, newmade friends from last summer though they're a bit dangerous. Dangerous as in ignoring red lights and driving whilest being drunk. I have learned not to trust boys from Holland when they said they'll be the BOB. Anyway, it won't be for tomorrow as we say, but it's an option. It might be a gigantic interesting nice - thing. Perhaps a little expensive, but I'm not going to hire a room next year, so I could perhaps save some money.

Mmm. Pretty shoes.

Current Mood:
chipper chipper
Current Music:
Forever Young
* * *
The days are speeding by very fast and I have such little time to do all my work, even to write a gigantic paper about "the youth of nowadays and catechetics". My spare time even goes up to seeking information to persuade a certain professor to be a promotor once again. He put himself off the list and that generally means that he doesn't want to be a promotor anymore. I am reading all his writings so I can confront him in summer with my by-then impressive knowledge about deaf people and their view of God. A most interesting subject, but still just "one of the many subjects in my head". I have the most bizarre subjects thought out in my head, my fellow students feel very weird about those things I think of, like mummificated nuns and priests and their possible saintstatus, stigmata, after-life. Most people just go on "modern things" like religion in sport and such. I might be the only one who wants to walk on difficult roads, roads that make you wonder.
Anyway, next tuesday my boyfriend and I are two years together! The day after that we're going to my boyfriend's house with a friend of ours, a big hairy friend. He'll be sleeping in the same room as my boyfriend and I, and I don't look forward to seeing him with only a boxershort on. I think the image will haunt my mind for quite long.

A forum I'm a member off is being all-whiney. "We don't get INTERESTING posts!" "We don't want to pay for a forum where everyone just babbles about this-and-that and not about deep inspiring stuff!" "Debbie, you need to post more!" Like hell I will. My interests are not really wanted over there, and the very down-to-earth Hollanders keep blocking off any joyous range of posts. But it's probably just me, as I'm used to forums where every hour everyone has posted like ten posts. Must check that old forum again, but I guess everyone just forgets about it, like I do to, unless terrible dutchies keep nagging about "interesting" posts. The last interesting post they posted was about the "anne frank tree" and they had huge rows about it, I felt I had to bring them back to reality with my reply: 'it's a fucking tree. With all respect for Anne Frank. But it's just a tree.'

In two hours class starts and I feel like crawling back in my bed and not leaving it. EVER. In the foolish hope all my papers and exams will make themselves.

* * *
Sinds een kleine dag ben ik officieel ingeschreven in de database van Educadomo als studiebegeleidster! Hip hoi, dit is het dichtste bij lerares dat ik ooit zal raken en het geeft me ergens wel een opbeurende kick! Het was enorm verrassend om meteen te worden aangenomen. Wat gewoon als een interessemailtje begon eindigde na twee dagen in een getekend contract.
Vanaf nu, lieve kinders, ga ik geld verdienen, niet veel, maar wel een aardig zakcentje!

Vanavond vieren met een Mai Tai en overheerlijke serranoham ^^

Current Mood:
amused amused
* * *
Jesus.
       Hij wordt omnipresent in mijn studie.
Christendom.
       Ik leer steeds meer en meer.
       Ik her-ontmoet het geloof, beetje bij beetje.
       En het vreemdste van al... ik vind het geeneens vreemd.
* * *
Vandaag is het Valentijn. En daarmee lijkt alles gezegd. Nog ongeveer acht uur en dan is het vijf jaar geleden dat mijn woorden mij ontstolen werden door de tenhemelopstijging van een onschuldig kind. Nog steeds zoek ik achter mijn zoetgevooisde formuleringen, mijn dramatiek en mijn etherische wereld, maar ik vind slechts stilte op de plaats waar het ooit school. Wie weet keert het ooit nog eens terug zonder pijn. Het is niet zo dat het helemaal weg is, het is er nog altijd, maar heel diep verstopt. Soms komt het aan de oppervlakte en kan ik pagina's vullen met dat teder enthousiasme en gedroom van vroeger, maar heel vaak doet het nadenken me pijn, alsof mijn schrijverspen diep in de aarde moet wroeten en slechts deuken oploopt door de grote stenen in de grond.
Het verleden is het verleden en het heden is het heden. Ik ben oud genoeg om me dat te realiseren. Het zijn dagen zoals deze dag dat het verleden mijn heden wordt en ik vervuld van herinneringen haar laatste uren herbeleef. Ik heb geen schuldgevoel meer, het sleet na al die jaren tot een klein hoopje zelfverwijt en is een stimulans geworden om mensen zoals haar te vinden en naar hen te luisteren en niet te veroordelen. Ik hoopte mijn doodzonde te belijden door mijn ziel te kwellen met een eindeloze litanie over mijn nalatigheid en gebroken harten. De tijd heeft me geleerd dat ik mijn doodzonde niet dragen moet, dat het zelfs geen doodzonde is, want ik was slechts - hoe volwassen ik ook dacht dat ik was - een kind, net als zij. Ik kon de toekomst niet zien, niet tegenhouden. Mijn vrienden waren ook kinderen en alles liep in het honderd.
Ik mis haar, vooral op dagen zoals deze. Het laat me niet los hoezeer het mijn wereld op zijn grondvesten liet daveren. Het liet me nadenken over de liefde en over tragedie. Tragedie's zijn mooi op papier en op doek, maar niet in de realiteit waar we ademhalen, lachen en huilen. Desondanks koester ik wat er gebeurde met een tederheid die menigeen bevreemdt. Zonder haar was ik nooit geworden wie ik nu ben, zonder haar kon ik de kleine kinderliefdesdrama's niet relativeren. Zonder haar zou ik waanzinnig geloven in 'de ene', terwijl ik nu weet dat er 'meerdere' kunnen zijn, maar nooit dezelfde. Ik heb iemand om lief te hebben dezer dagen, maar hij is niet mijn éne, ware liefde. Hij is één van mijn éne's. Hij is de tweede, maar ik wil de derde niet ontmoeten, al weet ik dat hij of zij bestaat ergens op deze wereld.
Ik denk dat ik haar de plaats heb gegeven die ze volledig verdient. En vandaag zal ik aan haar denken, haar liefhebben en ik zal mijn verdriet en gemis proberen te stillen. Het blijft nog altijd abstract en wreed dat ze niet meer leeft, dat ze diep onder de grond ligt en slechts bestaat uit een hoop botten. Haar aanwezigheid, haar wanhopige liefde die haar tot een wanhoopsdaad dreef en haar lachende ogen blijven nog altijd bestaan, vers en sprankelend. Ik ben ervan overtuigd dat ze nabij is, maar waar precies, dat weet ik niet. Ik zal het slechts weten als ik haar weg ook opga. Ik weet dat ik haar ooit weer ontmoet. Dat we elkaar weer in de ogen kunnen kijken en gelukkig zullen zijn.
Dat zou voldoende moeten zijn, nietwaar?
* * *


And we were like the Holy Ghost
licking that lollipop..
* * *
Het is een tijdje geleden, maar ik heb een flink en degelijk excuus. De docenten, verheerlijkt door de goddelijke openbaring, ondervroegen me urenlang en wierpen me aan de meest onmogelijkste vragen. De examenperiode dus. Mijn hoofd is moe en ik ben al vijftien uur aan een stuk wakker en ik vraag me af wanneer ik morgen zal opstaan. Natuurlijk is vijftien uur niets vergeleken met de andere studenten die schijnbaar dagen wakker blijven en amper slapen. Ah, feitelijk...
Laat ik maar gewoon gaan slapen. Vrijdag wacht me nog een examen, Inleiding tot het Christendom.
Current Mood:
tired tired
* * *


Net als een foto van lang geleden, in een verleden toen men ons nog niet op de gevoelige digitale plaats vastlegde. Hoe we de sneeuw trotseerden en samen koude lucht naar de sterren bliezen.
Nu ontmoeten we elkaar slechts in futile idyllische dromen. Gelukkig maar, want wie weet hoe lang we samen de wereld zouden hebben veroverd als  - als, als. Overal 'als'en.
Ik zal het ronduit zeggen. Ik zal het toegeven. Ik zal spreken wat in het diepst van mijn gekwetst hart naar buiten wenst te komen.
Jij blijft eeuwig zestien en ik racet al rustig door naar de twintig-dertig-veertig met waarschijnlijk nieuw leven in mijn buik. En liefde vervult me, net zoals toen, maar toch anders, op een volwassenere manier. Gelukkig maar. Het zou erg zijn moest ik een puber blijven.

Het is vreemd om te leven zoals andere mensen terwijl er zoveel gemiste mensen in mijn dromen theekransjes houden en de zon toerennen, maar zo hoort het eenmaal. En ik, ik zal later, veel later naar de zon rennen. Blijf jij maar eeuwig zestien, kind.
* * *
De prof sprak dinsdag kort over Petrus Abélard en vermeldde kort iets over zijn huwelijk (hoewel hij theoloog was en een ambt als priester ambieerde) met Héloïse, een geheim, maar toch uitgekomen huwelijk. De oom van Héloïse was niet opgezet met het huwelijk en vertelde algauw rond dat Abélard met zijn nichtje vrijde. Abélard vond het veiliger voor Héloïse als ze naar het klooster ging, wat ze ook deed, nog niet als non. De oom werd furieus en dacht dat Abélard er zich zo van wou afmaken en zocht een paar mannen om dan toe te slaan. Wat deden ze dan? Ze hakten zijn edele delen af waardoor hij geen priester kon worden, want men moest 'heel' zijn. Er hangen nog een paar bijbelcitaten hieraan, maar de tijd en de vermoeidheid weerhouden me ervan om hier langer over bezig te zitten dan strikt nodig. Hij omschreef zijn liefde voor Héloïse als iets dat betrekking had op zondige pure lust, waardoor Héloïse overmand van verdriet de nonnensluier aannam. Abélard zelf kon enkel nog monnik worden en werd dat ook om zichzelf af te sluiten van het gehoon van zijn omgeving. Later ontwikkelde er zich een liefdevolle schriftelijke uitwisseling van woorden tussen Abélard en Héloïse.
Na wat speurwerk op Google, het ons zo bekend wonder, bemerkte ik een Nederlandstalig boek op dat ik eens gelezen had vroeger, toen ik nog een vreselijke puber was. Toendertijd al vond ik het zo aangrijpend, zo wonderlijk, zo 'vreselijk erg'.

Net als mijn priester. We hebben elkaar nog steeds niet gezien, en ik vraag me af hoe hij denkt over Abélard en Héloïse. Mischien zou ik hem uit zijn tent moeten lokken, zo gemeen en lafhartig vrouwelijk als ik ben, en hem toefluisteren dat ik Héloïse ben. Maar wie zegt dat hij Abélard wenst te zijn, misschien vindt hij me gewoon een liefzuchtig kind.

Ik heb zin om foto's te maken van mijn verhit en verliefd gezicht, de sprankel in mijn ogen - opgemerkt door naaste kotgenoten - en de twinkeling in mijn mondhoek als ik glimlach. Ik heb zin om de wereld te fotograferen en hier te tonen.
Gelukkig maar dat ik geen camera heb en ik mijn identiteit op het wereldwijde web tot zover mogelijk stil wil houden. Pseudoniemen, valse namen, ik heb er al twee, drie eigenlijk. Evangeline en Héloïse.

* * *
When I look at the world - U2


When you look at the world
What is it that you see?
People find all kinds of things
That bring them to their knees


I see an expression

So clear and so true
That changes the atmosphere
When you walk (in)to the room


Leid ons niet in bekoring, maar verlos ons van het kwade. Maar wat is het kwade? Predikte Jezus geen Gods- naasten & vijandenliefde? Ben ik een zondaar omdat ik in de bekoring van zijn aanwezigheid, zijn ogen gericht naar de bewolkte hemel en zijn lippen geharmoniseerd in een zachte gelukkige glimlach, verlang naar de geur van zijn soutane, van zijn krullende haren, van zijn huid, zo warm en zacht. Ben ik een zondaar omdat ik voor het eerst een kerk betrad met gevoelens van hoop en schuld? Ben ik een zondaar omdat mijn knieën plaatsnamen in de biechtstoel, hoe vreemd, hoe mysterieus. Biechtstoelen staan in alle kerken, alleszins in de kerken die ik ooit bezocht, maar worden amper gebruikt. Het hout was mooi en ik keek naar mijn handen die trilden van verdriet - nee, onmacht.


So I try to be like you
Try to feel it like you do
But without you it's no use
I can't see what you see
When I look at the world


'Wil je biechten?' vroeg een stem me toen ik in de biechtstoel zat te verwijlen in mijn gedachten. Ik voelde mijn hart in mijn keel kloppen en ik voelde tranen naar mijn ogen schieten. Iemand nam plaats aan de andere kant van de biechtstoel. Ik wist niet wat te doen, maar tegelijkertijd zag ik hierin een kans om mijn gedachten luidop te spreken. Om mijn eigen stem te horen vertellen hoezeer ik me schuldig voelde, hoezeer ik me verloren voelde, hoezeer ik dacht aan hem. 'Ik dacht dat men niet meer biechtte -' wist ik te mompelen.
'Ik denk dat je het nodig hebt,' zei de geruststellende, aangename stem. Ik glimlachte onwillekeurig en leunde tegen de wand. 'Het blijft tussen ons, hé?' vroeg ik nog een laatste maal om bevestiging en begon mijn relaas over 'mijn' priester. Hoe ik wou zien uit zijn ogen, hoe ik hem wou voelen, hoe hij een deel van mij leek te worden ook al praatten we amper en zag ik hem af en toe in de gangen van de faculteit. Mijn gedachten konden mijn mond amper bijhouden en ik voelde me langzaamaan leeglopen. Mijn hart voelde warm aan en zo ook de tranen die vrijelijk langs mijn wangen rolden.


When the night is someone else's
And you're trying to get some sleep
When your thoughts are too expensive
To ever wanna keep


When there's all kinds of chaos
And everyone is walking lame
You don't even blink now do you
Or even look away


Hij luisterde naar me en ademde zacht. Hij sprak geen woord en liet me alles vertellen, liet me huilen en liet me zacht verwensingen fluisteren naar de dogmatiek. 'Ik bewonder hem voor zijn geloof, maar ik wil - ik kan niet -' maar er kwam geen oplossing. Enkel leegheid en een zacht brandend verlangen. Hoe kan ik ooit hem bereiken? Hoe kan ik verlangen om hem te bereiken? Moest ik hem niet laten in zijn overtuiging?


So I try to be like you
Try to feel it like you do
But without you it's no use
I can't see what you see
When I look at the world


'Ik moet gaan,' besloot ik mijn relaas en sprong omhoog. Het leek op de aanzet voor een lange vlucht, weg van dat kil huis, weg van de biechtstoel, weg van alles dat me aan hem deed denken. Als ik maar kon zien uit zijn ogen, misschien zou ik dan vrede vinden? Vrede met deze onbereikbaarheid. Vrede zodat ik mezelf kan dwingen hem te vergeten.


I can't wait any longer
I can't wait 'till I'm stronger
Can't wait any longer
To see what you see
When I look at the world


I'm in the waiting room
Can't see for the smoke
I think of you and your holy book
When the rest of us choke
 

Mijn hakken maakten een hels lawaai dat alle gedachten, alle tranen wenste weg te wissen. De grote houten deuren van de kerk kwamen dichterbij en mijn hand strekte zich uit naar de hendels. Ik moest hier weg - weg - weg. Ik wist niet waarom, enkel dat ik hier niet moest zijn, dat het licht van God dat door de gekleurde ramen scheen me zou branden diep in mijn hart omdat het me aan hem doet denken en omdat ik God daarvoor stil verwens.
'Evangeline', doorbrak een stem mijn vlucht.



Tell me, tell me, what do you see?
Tell me, tell me what's wrong with me.



'Evangeline...
'
Vlak voor de biechtstoel stond hij. Zijn hand vastgeklemd aan de wand. Ik kon zijn hemelsblauwe ogen zien en de lichte frons. Mijn priester.
* * *
&nbsp;Ik zit weer terug op mijn warm kot, in mijn studentenstad. Op het plein waar de priester en ik een paraplu deelden staan nu grote kerstbomen met duizenden gouden lichtjes en tenten. Het enige wat nog ontbrak was een oliebollenkraam. De geur van versgebakken oliebollen en suiker. De zachte, warme smaak van het deeg, de lichtjes knapperige korst en de suiker die aan je neusje blijft hangen. De sfeer van kerstmis.
De vogels op mijn muren vliegen nog altijd een fictieve vrijheid tegenmoet. Ik word wel blij als ik ze zie, eenmaal ik het licht aansteek en mijn tas de mufruikende kamer ingooi. Het geeft me een gevoel van oneindigheid, weg van thuis, maar tegelijkertijd geeft het me een gevoel van eenzaamheid. Ik denk dat ik niet voortbestemd ben om alleen te leven. Ik zou het wel kunnen, maar de tijd en de eeuwigheidlijkende zouden me op den duur stilletjesaan consumeren tot er niets meer zou resten dan een vaalgrijze entiteit die slechts door geklop haar aanwezigheid onderlijnt. Haha.

De wijn vertroebelt mijn gedachten en verzacht mijn verwarde geest. Oh, priester, priester. Was ik maar een vogel.

Current Mood:
confused confused
* * *
Het was fijn gisterenavond in de koude en donkere wereld van een voormalige oorlogsstad. Mijn onii-chan haalde me op van het station met de oude auto waarover hij recent beschikt tot hij zijn eigen auto kan kopen. Voor het eerst zat ik samen met hem in een auto, weerloos en doodsangst die me bij de keel greep en mijn handen tot een eeuwigdurend gebed dwong. Buiten het vastzitten tussen een menigte auto's die elke kant opwouden die ze niet konden en het grapjes maken over slechtzienden, was alles vrij goed verlopen.
We trokken de stad in, liepen onder de kerstversiering en leunden over de balustrade van de ijsbaan die speciaal bij kerst hier werd gezet. We praatten over schaatsen tot een vriendelijk meisje een petitie onder onze neus schuifde. Natuurlijk waren we tegen de doodstraf en tekenden met grote zwierigheid en lopende neuzen. We zochten onze café-habitat in deze stad, maar vonden hem gesloten. Geen pintjes in het schemerlicht waardoor geportretteerde Jezus'en, Maria's en heiligen ons Apocalypsverkondigend gadesloegen. Geen snedige praat onder duizenden kruisbeelden en oude koekjesdozen met oude koningen en koninginnen. Onze voetstappen leidden ons dan naar een huis van bekoring, waar de muren roodachtig en beige geschilderd zijn met muziekinstrumenten en een wijze spreuk: 'Na drie tellen kreeg ik dorst' of iets in dien aard. We dronken straffer bier dan gewone pintjes en spraken over vanalles. De nacht werd dieper zwart en algauw vertrokken we naar een helder café waar aan het eind spiegels zaten te glanzen. Op de houten vloer weerklonken mijn hakken als ik een krant pakte van een grote stapel en mijn neus erin begroef. Kriekjes vlogen langs mijn oren en in mijn keel.
Na een lekker avondmaal en een frisse warme afwassessie trokken we weer de stad niet. Niet met oniichan, maar met een andere jongen die iets meer betekent dat gewoon een kameraad. Niet de priester, nee, maar zoiets hoeft pas later geëxpliceerd te worden. Nu is de tijd om even mijn avond te verhalen en straks te verdrinken in de warmte van het lichaam der zonde. Hoe vreemd is het lichaam - de drift - van de mens. Het is maar goed dat u een priester bent, mijnheer. We keken naar het vuurwerk onder een grote paraplu, zijn armen om mijn buik. Groene en rode sterren boven onze hoofden en een koude blos op onze wangen. De regen kwam heel traagjes naar beneden en we lachten als de knallen van het vuurwerk ons hart een tel lieten overslaan. En na drie tellen kregen we dorst en dronken we Gini om even later in bed te verzeilen en de vleselijke liefde naar een hoger punt te verheffen. Een punt waar ik Gods en mijn priester's liefde en spiritualiteit ontmoette.

De lucht is blauw, het gras is nog steeds felgroen en de zon schijnt koeltjes, maar toch helder.
Een andere, prachtige wereld waar mijn priester veraf (maar in mijn hart - zwart en koud, maar toch ook warm en kloppend - heel dichtbij) was en mijn jongen, mijn man, heel dichtbij.

Current Mood:
peaceful peaceful
* * *
&nbsp;Deze middag zat ik in het alleraardigste studentencafeetje dat mijn studentenstad heeft. Er hangen lampions aan het afdak waar de regen afdrupt in een kalm rustig tempo. Aan de ijzerhouten stoeltjes hangen dikke wollen dekens in felle kleuren waar ik me in kan hullen en mijn lichtjes dampende ademwolkjes kan zien vliegen. Ik zat daar niet alleen, maar in het gezelschap van een studiegenoot en we babbelden en discussieerden over de hemel. Ondertussen aten we traag van onze chocoladecake en verdronken we letterlijk in de sfeer dat de wereld daar ons gaf. Een tel later versplinterde de sfeer in duizend stukken en viel het weer samen in een roze wolk waarop mijn ogen zweefden, want door de ramen zag ik hem. Hij had een stevige tred en liep door de regen onder zijn zwarte paraplu. Het leek een droom, een waanbeeld, maar ik glimlachte en wist dat het niet zo was. Dat hij er, zoals alle dagen, was. Het duurde niet lang, de deuren van de faculteit vlogen algauw toe. Het werd tijd voor mij en mijn studiegenoot om ons naar de les te begeven waar we twee uur lang naar een film over Mohammed keken en af en toe een lachje moesten smoren als de video het weer bijna begaf en het geluid zeer hoog werd. De uren verstreken en we gingen naar andere lessen. De duisternis begon in te vallen en om één of andere vreemde reden voelde ik me hemels gelukkig. Was het omdat zijn aanwezigheid voor een aantal seconden de mijne had opgefleurd? Hoe komt het trouwens steeds dat ik hem - in die doolhofachtige gangen en die duizenden straten - elke dag tegenkom? Hoe komt het dat het lijkt alsof mijn en zijn wegen beiden naar 'Rome' leiden?
Maar het wonderlijkste heb ik nog niet verhaald. Ik ben nog altijd een beetje dazzled, ja, zo zou je het kunnen noemen. Een beetje alsof ik op wolkjes loop - nee - alsof ik een wolkje ben. Het regende harder en harder en mijn paraplu met de witte stippen lag gebroken in een hoekje in mijn kamertje dat ik huur. Ik liep en glibberde half over de gladde kasseien die de stoep moeten vormen. Halverwege mijn vlucht voor de trieste regen die in dikke druppels in mijn kraag en over mijn voorhoofd rolden, hoorde ik een korte, aangename lach. Het doorbrak het gedrippel van de regen, het geraas van de auto's die over de natwordende weg raasden en het doorbrak mijn wandelpad. Ik draaide me opzij, was me bewust van mijn kletsnatte haren die in slierten langs mijn gezicht hingen en mijn - waarschijnlijk - verhitte en opgejaagde ogen. Naast mij, onder het oranje licht van een straatlantaarn - hoe dramatisch romantisch -, stond hij. Hij glimlachte en bood me zijn paraplu aan. Ik deed een stap achteruit, vliegde een natte sliert haar weg en wist niet goed wat te zeggen. Kon hij op dat eigenste moment lezen waar mijn hart vol zonde naar verlangde? Zijn ogen bleven staren in de mijne. Blauwe ogen, zoals de hemel. We liepen samen verder, over een donker plein. Hij praatte heel zacht, maar de helft van wat hij me vertelde, ben ik alreeds vergeten. Ik genoot van zijn geur, zijn warmte, hoewel ik hem niet eens aanraakte, en het geluid van zijn aangename stem op de voorgrond. Het was fijn in die regen, onder die paraplu, dicht bij elkaar zonder dat ik wist of durfde hopen dat hij dit ook fijn vond, net zo fijn als ik. Misschien ben ik gewoon een bakvis. Een idiote bakvis die valt voor een man in een soutane omdat het zo lekker verboden is, omdat hij quasi onbereikbaar is, of omdat ze nu eenvoudweg zielig is. Een liefde zonder begin en zonder eind. Zonder mogelijkheid om vervuld en verrijkt te worden zoals in zovele boeken en films wordt geproclameerd.
De straat splitste en zo deden ook onze wegen. 'Tot morgen, Evangeline' (mijn eigen naam gebruiken doe ik voorlopig niet - laat me denken en dromen dat dit - dat dit niets meer is dan een droomsel op poten) zei hij en glimlachte nogmaals. Ik keek hem verwonderd aan en probeerde hem ook een naam te geven. 'Priester -' maar voor ik het wist, had zijn blik me opeens vast in zijn grip. Een flikkering van iets gekwelds - maar misschien is dit louter mijn eigen verbeelding, mijn eigen waanzinnige en schandalige hoop - leek me op te vallen. In elk geval, als het zo was, dan had hij zich vlug hersteld en knikte hij een stiller vaarwel toe. Of eerder een tot-ziens, want uiteindelijk heb ik het gevoel dat ik hem echt elke dag zal zien. Elke mooie dag dat ik hier ben. En zo gebeurde het dat een auto door een plas reed en me overgoot met een plens water terwijl ik hem nakeek.

Wat schaam ik me dood voor mijn stille gemene hoop.

Current Mood:
hopeful hopeful
* * *

Finish the sentence: "What in the world was I thinking when I...?"


View 281 Answers

when I went to Church just to see the Priest preach with all his might, to take a glimpse of that strong faith he possesses, to try to feel like he feels, to understand his motives, his will to love and belief strongly in his God - and what in the world was I thinking when I wispered that it was a pity for such a strong man to become a Priest?
* * *
Het is koud in mijn studentenstad. De hemel vriest en de sterren verschijnen boven de grote kerktorens. Een winternacht zoals alle andere. Mijn hand klemt zich vast aan de hendel van mijn knarsend raam. De wind is guur en bijt in het topje van mijn neus. Op straat lopen studenten voorbij. Zo licht en vrolijk.
Ik droomde over hem. Iets heel simpels, iets waarbij niemand anders zou stilstaan, behalve ik. 
Uit de keuken komt luid lawaai, gebonk en schaterlachjes. Ik zou me bij hen moeten voegen en meelachen, maar vanavond lukt het niet. Want ik heb over hem gedroomd. Mijn hand laat de hendel los en ik bekijk mijn doffe witte kamer met de blauwe meubels. 'Je woont in de hemel,' zei men en keek naar de stickervogels op de muren. In mijn hoofd woon ik in de hemel, maar in mijn hart woon ik in een paradijs van verboden en gesmoorde liefde.
Ja, ik durf het te noemen. Liefde. Het voelt alsof een bliksemslag elk moment mijn hoofd en hart komt uiteensplijten en mijn ziel wegrukt naar de lege hel. Hoe kan ik hem liefhebben? De reeks chemische en biologische processen in mijn hersenen en hormonenhuishouding roepen en schreeuwen, ze dwarrelen door mijn aderen en branden mijn huid open. Het mag niet, het is onmogelijk. Is dat niet vreselijk? Iets banaals, wat in mijn puberjaren duizendmaal verteld werd door kleine bakvissen en grote dametjes, 'maar het mag niet van mijn mama, maar ik zie hem zo graag!' Nee, dat is het allemaal niet. Het is allemaal groter en tegelijk kleiner. Het is niet wederzijds, het mag niet wederzijds zijn. Ik zet me neer in mijn stoel en mijmer aan die tijd dat ik onbezorgd - ja, toch, het is waar, voor ik hem ontmoette was alles zorgeloos - doorheen het studentenleven woelde. Ik ging naar de lessen, sliep in de aula's, at kebab en dronk jenever. De geur van warmgeworden rode wijn bedwelmt me. Mijn glas staat naast de gehavende laptop die nog altijd trouw zijn dienst bewijst. Na een slok herinner ik me weer het bedwelmend gevoel van onze ontmoeting. Van de sprankel. De glimpse of an eye. Liefde op het eerste zicht.
Ik was enkele minuten te laat en stormde half waggelend de smalle treden op. Ik duwde de deur open, trachtte mijn evenwicht te bewaren, maar struikelde bijna. Mijn lichaam botste tegen een warm lichaam en ik keek verschrikt omhoog. 'Sorry-' mijn stem vervloog, hakkelde en verdween met de noorderzon. Hij glimlachte naar me, hield mijn ene arm vast en liet toen los. Zijn vingers leken hun warmte verspreid te hebben tot aan de aderen in mijn arm en zo tot aan dat vreemde hart van me dat sneller begon te slaan. De wereld leek op te houden, de tijd leek stil te staan - eigenlijk vergat ik gewoon dat de tijd nog kon verdergaan, dat de minuten laatheid konden vermeerderen - door deze ontmoeting, deze onverwachte botsing van twee levens. 'Goeiedag,' sprak hij na een tijdje en ging door de geopende deur. Zijn voetstappen klonken hol in mijn oren - maar vooral in dat pijnlijke plekje in dat hart van me. Ik bleef daar even staan, ja, dat weet ik nog. De geur van zijn lichaam nog altijd in mijn neusgaten, de warmte van zijn lichaam - het donkere kleed en de witte boord. Hij werd hij
Mijn glas is leeg en mijn geest wordt helder. Het is nog niet laat, de nieuwe dag is nog niet aangebroken. Misschien zie ik hem morgen weer als ik door de gangen dwaal waar hij zijn bijbelstudies verfijnt. En tegelijkertijd - met de wrange nasmaak van warmgeworden wijn - voel ik me vreselijk dat ik hem zo waanzinnig liefheb.
Tags:
Current Mood:
touched touched
* * *

Advertisement

Customize